SeaData
seadata.online
UTC--:--
ChartPosmanual position β€” not a vessel position
Kaartlaag
EU model wind
EU model wave
Asia
Typhoon
T.U s.w.a.n
IOC Tidal data
SeaData
Over SeaData

Elk zeegebied heeft zijn eigen humeur. Het getij dat een uur verloopt over twintig mijl, een stroom die kentert terwijl de wind doorzet, een deining die van ver komt aanzetten. De meeste bronnen vatten dat samen in tabellen voor een heel gebied. SeaData doet het omgekeerde: het rekent getij, getijstroom, golven en wind uit voor prΓ©cies de positie waar jouw schip ligt β€” en die data vaart met je mee.

Waarom SeaData:

Maak een account aan en vaar met je eigen data.

Handleidingen

Scan de code met je telefoon voor de mobiele versie, of download de PDF.

QR code: Quick start for mobile
Quick start5 pagina's Β· voor nieuwe gebruikersPDF (A4)Mobiel
QR code: User Manual for mobile
User Manualelk scherm uitgelegdPDF (A4)Mobiel

Algemene voorwaarden · Bronvermelding · Cookies

HandleidingDownload Quick start
Ask about SeaData
197 questions answered. Type a question, or tap one below.

Deze handleiding beschrijft wat je op het scherm ziet, wat elke knop doet, en β€” het belangrijkste β€” hoe je moet lezen wat er staat. SeaData toont gegevens waarop vaar- en werkbeslissingen worden gebaseerd; dan is weten wÑÑr een getal vandaan komt net zo belangrijk als het getal zelf. Knoppen en tabs staan hier precies zoals op het scherm: in het Engels.

1. Het hoofdscherm

De zeekaart vult het hele beeld. Alles eromheen zweeft erboven: de topbalk, de zijtabs links, Map layer rechtsboven, Tide stations linksonder, Overlay rechtsonder en de onderbalk.

De topbalk

OnderdeelWat het is
VesselsHet actieve schip. Klik opent de vlootkiezer als je meerdere MMSI's hebt; alle schermen en de kaart volgen het schip dat je kiest. Het richtkruis ernaast brengt het schip terug in beeld (grijs zolang er geen positie bekend is).
PositionDe AIS-positie van het actieve schip, in het gekozen formaat.
Speed / HeadingSnelheid over de grond in de gekozen eenheid (kn, km/h of m/s), en de koers.
Fix ageHoe oud de positie is. Lees dit altijd mee.
Sea tempZeewatertemperatuur op je positie.
Hs / Wind / CurrentDe omstandigheden op je positie nu. Uit te zetten onder het tandwiel (Weather (Hs/Wind/Current)).
UTCDe klok. Alle tijden op dit platform zijn UTC.

Over «Fix age» β€” dit is geen detail

De kleur is een waarschuwing: groen onder 30 s, geel onder 5 min, oranje onder 15 min, rood daarboven.

Na 40 minuten wordt het schip niet meer getekend. Dat is opzet: een schip op een verouderde plek zetten suggereert zekerheid die er niet is. Staat er stale of no AIS, dan is er geen bruikbare positie β€” niet een positie die «wel ongeveer klopt».

Het getoonde getal is de som van twee leeftijden: hoe oud het laatste AIS-bericht is, Γ©n hoe oud de momentopname van de AIS-dienst zelf is. Valt de dienst stil, dan lijkt het bericht vers terwijl het dat niet is; door ze op te tellen zie je het echte risico.

Knoppen in de topbalk

De onderbalk

Overview β€” de oog-knop

EΓ©n blik voordat je een tab opent: WAVE, WIND, TIDE, een polar en CURRENT, elk met de waarde van nu en een grafiek van 6 uur terug tot 24 uur vooruit. De getallen zijn de consensus van alle modellen die je positie dekken; de grafiek toont het ene best passende model, want een gemiddelde van vormen vlakt de pieken weg. Tide zet het astronomische getij naast de werkelijke waterstand, Current de zuivere getijstroom naast de totale stroom. Next en Then zijn de eerstvolgende twee kenteringen van het getij in tijdsvolgorde; Slack is het eerstvolgende stroomstil.

De polar laat wind (blauw), golf (geel) en stroom (oranje) naar binnen wijzen β€” waar ze vandaan komen β€” en je koers (HDG, rood doorgetrokken) en koers over de grond (CoG, rood gestreept) naar buiten. Het verschil tussen die twee is je drift. De hoeken erboven zijn relatief aan je hartlijn: 000 recht vooruit, 090 dwars stuurboord.

Data status β€” de klok-knop

Een ring per databron, gegroepeerd als Wave, Wind + Warnings, Current, Tide, Observations en Radar. Een ring is één verversingscyclus: vol en groen vlak na een nieuwe run, en hij loopt leeg naar rood naarmate de cyclus opraakt. Rood betekent ook: ontbreekt of te laat. Loopt een model achter, dan zie je het hiér het eerst.

Recent bijgekomen: Met Office UKV, MET Norway MEPS, MEPS ensemble (30), DMI HARMONIE DINI, ICON-D2-EPS (20) en ECMWF ENS (50) onder Wind, DWD EWAM onder Wave, de stroommodellen DMI DKSS en RWS DCSMv7 onder Current, en Meetplatforms, METAR offshore en Copernicus in-situ onder Observations β€” de bronnen achter de kaartlaag Platforms.

2. De kaartbediening

2.1 Map layer (rechtsboven)

De keuzelijst kiest de basiskaart:

KaartBronLet op
OSMOpenStreetMapstandaard
VoyagerCARTOrustiger beeld
OceanEsrizee-georiΓ«nteerd, tot zoom 13
TopoOpenTopoMaptot zoom 17

De SeaMarks-laag (OpenSeaMap: boeien, vaarwegen, lichten) ligt hier altijd overheen.

Zoom je verder in dan een kaart aankan (Ocean stopt bij 13), dan blijft het beeld leeg. Dat is de kaartlaag, geen storing.

Onder de keuzelijst staan schakelaars. Een gedimde vlag of een grijze knop betekent: die laag staat uit.

SchakelaarWat hij toont
EU model windEen vak per Europees windmodel (HARMONIE, DINI, ICON-D2, AROME, MEPS, ICON-EU/ECMWF), zodat je ziet welk windmodel waar geldt. MEPS heeft een scheve rand en staat er met zijn echte omtrek.
EU model waveDe gebieden van de Europese golfmodellen, per zeegebied. Staat nooit tegelijk aan met EU model wind: de een zet de ander uit.
AsiaDe Aziatische databox (Taiwan / CWA) en de dekking van de Japanse radar en wind. Elke box draagt zijn naam in de hoek.
TyphoonDe actuele tyfoonbaan, verwachtingskegel en windcirkel van CWA, met een rode balk die zegt hoe oud het bericht is. Buiten het seizoen leeg.
T.U s.w.a.nDe gebieden waar het golfmodel SWAN dieptetegels heeft β€” waar SWAN kan rekenen.
IOC Tidal dataZeeniveaustations van het IOC-netwerk (VLIZ/UNESCO).
PlatformsVaste meetstations op zee met hun laatste meting β€” zie 2.2.
AreasJe eigen kaartpunten en vormen, geΓΌpload op je profiel (tab Areas: punten als TXT/CSV, SHP of KML). Er verschijnt een lijstje om elk bestand aan of uit te zetten. Punten staan op ware grootte, dus zoom in om ze te zien.

2.2 Platforms β€” metingen op zee

Platforms vervangt de oude AIS-knop in Map layer. Hij toont elk vast meetstation op zee met de laatste golf-, wind-, stroom- en zichtmeting, samengevoegd uit KNMI, Rijkswaterstaat, DMI, Copernicus Marine in-situ, Meetnet Vlaamse Banken, de Met Office, DWD-windstations (Alte Weser, Helgoland) en METAR/TAF van offshore platforms. Het ronde logo zegt wat het is: platform, buoy of mast / pile.

Hetzelfde platform meldt vaak aan meerdere diensten. Stations van dezelfde soort binnen 1 km worden één punt, met elke bron eronder. Elke waarde houdt zijn eigen tijd β€” lees die: een boei die stilvalt blijft zijn laatste waarde tonen.

2.3 Tide stations (linksonder)

Per land een vlag die de getij- en meetstations van dat land aan- of uitzet: NL, FR, UK, DK, NO, BE, SE, DE, EE, PL, LV, ES, PT, IT, TW, ID, JP. Alle vlaggen beginnen uit; een laag laadt pas bij de eerste keer aanzetten.

π 50km staat standaard aan: hij toont elk station binnen 50 km van je positie, wat de vlaggen ook zeggen. De vlaggenrij is dan gedimd. Zet hem uit om weer met de vlaggen te werken.

VormBetekenis
Ruitoffshore-/meetstation zonder voorspelling
Driehoekeiland
Cirkelkuststation
Cyaan stipmeetboei

Klik op een station opent de details; aanwijzen geeft een korte samenvatting. Havens en hun getij staan in SeaHarbour.

2.4 Overlay (rechtsonder) β€” Waves en Wind

Golfhoogte-schaal (Hs): onder 0,5 m blauw Β· 0,5-1 m groen Β· 1-2 m geel Β· 2-3 m oranje Β· 3-4 m rood Β· boven 4 m donkerrood.

3. De zijtabs (links)

Tien tabs. Zeven openen een paneel; AIS, ForeCast en SeaRain zijn schakelaars die een laag op de kaart zetten. Alles geldt voor de positie van het actieve schip, of voor je bullseye-plek. Klik dezelfde tab nog eens of het kruisje om een paneel te sluiten.

SeaWave β€” golven

Drie tabs: Models (elk golfmodel dat je positie dekt, in de volgorde uit hoofdstuk 5), Online (TidesAtlas Marine) en S.W.A.N. Models heeft Graphics, Tables en DPR (de driehuurlijkse waarden van vandaag uit het best passende model, zoals een Daily Progress Report ze overneemt).

S.W.A.N draait het golfmodel SWAN precies op de positie van je schip en geeft elke grootheid als getal: golfhoogte en deining, alle perioden, gemiddelde en piekrichting met spreiding, golflengte en steilheid, en de orbitaalbeweging bij de bodem. Het rekent de deining van een grover model door naar de plaatselijke diepte; het is dus een puntberekening, geen kaartlaag. Hij rekent bij het laden van de pagina en daarna elke 30 minuten; Recalculate dwingt een verse run af. Een stoplicht zegt of de run compleet is.

SWAN rekent één run tegelijk. De server draait voor alle gebruikers samen één SWAN-run tegelijk. Is die van een ander bezig, dan staat er in oranje SWAN queue: waiting for computing power β€” N runs ahead of you, en het resultaat volgt vanzelf. Dat is een wachtrij, geen storing. Komt er binnen 45 s geen rekenkracht vrij, dan stopt de aanvraag en zegt dat; probeer het kort daarna opnieuw.

SeaCurrent β€” stroming

Now (getijstroom, totale stroom en reststroom met hun bron, een kompasroos, en een 3D-profiel tot 200 m waar het model dat levert), Prediction (per uur) en Graphics.

SeaWind β€” wind

Now, Charts, 7 days, DPR (wind, stoten en richting om de drie uur uit het best passende model), Models, Forecast (het KNMI-scheepvaartweerbericht) en Typhoon (cycloondata van CWA). Meerdere modellen naast elkaar, elk in een eigen kleur.

SeaTide β€” getij

Chart en Table. Twee groepen bronnen: de werkelijke waterstand (CMEMS NWS, Met Office NWS, IBI, MED) en het astronomische getij (EOT20, FES2022, DTU23).

Het verschil tussen die twee groepen is essentieel. Astronomisch is het getij zoals maan en zon het maken, zonder opzet door wind of luchtdruk. Actual is de modelwaterstand met opzet. Bij harde wind kunnen die meters uiteenlopen. Staan ze ver uit elkaar, dan is dat informatie: er zit opzet in.

SolarNav β€” zon, maan, ruimteweer

Kp is een planetaire index β€” wereldwijd hetzelfde getal. De impact op jouw navigatie is dat niet: die wordt bijgesteld op de afstand tot de aurorale ovaal, en dus op je positie.

SeaHarbour β€” havens

Onbekend is onbekend: een maat of ja/nee die de World Port Index niet kent staat er als streepje of staat er niet, nooit als 0 of «nee». Controleer de eigen informatie van de haven voordat je er een aankomst op plant.

AIS β€” andere schepen (schakelaar)

De tab AIS opent geen paneel meer: hij zet onze eigen AIS-laag op de kaart aan en uit. Uitgezoomd zie je alleen je eigen vloot; ingezoomd elk schip in beeld. De telling naast Platforms zegt hoeveel er getekend zijn, en uitgezoomd staat er zoom in for all ships bij.

Kleuren volgen het scheepstype. Een paarse ruit is een navigatiehulpmiddel (AtoN); alleen een omtrek betekent virtueel (bestaat niet fysiek), rood betekent uit positie.

Staat er AIS temporarily unavailable, dan ligt de bron stil β€” een lege kaart betekent dan niet dat er niemand vaart. AIS is onvolledig en vertraagd en is niet geschikt voor aanvaringsvermijding.

ForeCast β€” waarschuwingen per zeegebied (schakelaar)

ForeCast zet de gebieden van de nationale weerdiensten op de kaart. Klik op een vak voor het bericht van die dienst; de popup sluit vanzelf na 30 seconden.

KleurDienstWat je krijgt
OranjeKNMIDe districten van de Noordzee en het Nauw van Dover.
DonkerblauwMΓ©tΓ©o-FranceVigilance: kleurcode per kustdepartement en Corsica, met de bulletintekst.
RoodAEMETSpaanse kustzones. Engelse vertaling boven, Spaans eronder; staat er een dekkingspercentage bij, dan is een deel niet vertaald.
PaarsIPMAPortugese kustpunten, met de zeeverwachting van drie dagen: golfhoogte, richting, periode en zeewatertemperatuur.
De grenzen zijn bij benadering. Geen van deze diensten publiceert coΓΆrdinaten bij zijn gebieden, IPMA uitgezonderd β€” daar zijn de vakken afgeleid van de kustpunten die zij zelf met positie geven. De vakken staan daarom gestippeld: ze wijzen een gebied aan, ze begrenzen het niet.

SeaRain β€” neerslag (schakelaar)

SeaRain vervangt de losse radarknoppen. Een klik op de tab zet onze eigen neerslaglaag aan en uit; het kleine tandwiel in de tab opent SeaRain settings zonder de laag te schakelen:

4. Workability

Wat kan dit schip op deze plek? Workability zit in elke accountsoort, en zonder in te loggen op het demoscherm. Negen subtabs, in de volgorde van gebruik: Workability (opent eerst), Contract, Transit, Reporting, External weather, Vessel Online, Vessel, Limits en How it works.

Workability is een planningshulp op basis van gesloten theorie en verwachtingsmodellen. Het vervangt het oordeel van de kapitein niet, en ook niet de eigen werkgrenzen van het schip of het contract zelf. De tab How it works zegt waar elk getal vandaan komt en waar je het niet moet vertrouwen.

Het Demo vessel

Elk account krijgt één keer een eigen Demo vessel: een voorbeeldschip met tekening, zodat je meteen een volledige uitkomst ziet. Het is van jou: je kunt het aanpassen tot je eigen schip, hernoemen of wissen. Het telt mee voor het aantal schepen dat je account mag hebben; gewist komt het niet terug. Op het demoscherm (niet ingelogd) ligt het op de demopositie in de Noordzee en kan er niets bewaard of geüpload worden.

4.1 Workability β€” het polair

Kies een Moment (now tot +24 h) en druk op Calculate. Golven, wind en stroom komen uit dezelfde bronnen die SeaWave, SeaWind en SeaCurrent voor die positie tonen. De kopregel geeft het antwoord (de beste koers); de kaarten Waves, Wind en Current zeggen waardoor, elk als Polar, Bars of Table.

4.2 Contract β€” kunnen we werken volgens contract?

Per activiteit, per uur, tot 48 uur vooruit: blijft het weer binnen de contractlimieten, en lang genoeg? Druk op Calculate; de kopregel zegt hoeveel activiteiten nu werkbaar zijn en wanneer voor de rest het volgende venster opengaat.

GrootheidWaarde waartegen getoetst wordt
Hs, windHet gemiddelde van de 3 best passende modellen voor deze positie (de ranglijst van SeaWave en SeaWind).
StroomHet gemiddelde van de modellen voor de totale stroom: CMEMS NWS, DMI DKSS en RWS DCSMv7. Zijn het er minder dan drie, dan vult FES2014 aan, met het label tide only.
ZichtHet laagste model, niet het gemiddelde β€” mist is lokaal, en als één model mist voorspelt is het uur niet werkbaar. Getoond tot 12 km.

Een uur telt alleen als werkbaar als elke beoordeelde limiet gehaald wordt Γ©n het in een venster valt dat minstens zo lang is als het minimum van de activiteit. Een grootheid die geen model dekt is Not assessed, en dat staat in de regel onder de kop.

KleurBetekenis
Groenwerkbaar
Lichtoranjewerkbaar, maar binnen de marge van een limiet
Donkeroranjenet over een limiet (binnen de marge) β€” niet werkbaar
Roodniet werkbaar, limiet overschreden
Oranje strepenweer goed, maar het venster is korter dan het minimum
Groene strepenhet venster loopt voorbij de horizon; de lengte is onbekend
Grijsgeen modeldata β€” nooit stil goedgekeurd

Working limits (de knop met het tandwiel) opent de tabel Working limit for safe 24h vessel operations on site: per activiteit Hs, wind, stroom, zicht (tot 12000 m) en Min. window. De limieten horen per schip (het schip dat onder Vessel gekozen is; alle beladingstoestanden van een schip delen ze). Een schip zonder eigen limieten rekent met voorbeeldwaarden (Transit, Standby on Location, MBES, Crane) en een oranje balk Example limits zegt dat erbij: stel ze zelf in voor je erop vertrouwt. + Add activity, Reset to example values en Save and recalculate doen wat ze zeggen; zonder gekozen schip kan er niets bewaard worden. Near-limit margin (standaard 10 %, 0 = uit) bepaalt hoe dicht bij een limiet een uur oranje wordt.

De kans β€” alleen ter informatie

Het smalle cyaan blok onder elk uur is de kans dat Hs en wind binnen de limieten blijven, geteld over de leden van twee ensembles: ECMWF ENS (50 leden, wind en golven, tot 72 h) en ICON-D2-EPS (20 leden, wind, tot 48 h). Uren waarin stroom of zicht al over de limiet zijn krijgen 0. Van telling naar kans gaat met de regel van Laplace: (gunstig + 1) / (leden + 2), dus van 1 tot 99 % β€” een volle telling is geen zekerheid.

De kans verandert het go/no-go niet. De kleuren en vensters komen alleen uit het gemiddelde van de top 3. De kans zegt hoe stevig dat antwoord staat: een groen uur met een lage kans is een groen uur om in de gaten te houden.

4.3 Vessel β€” 2D en Config

Kies bovenaan het schip (Vessel); daaronder twee binnentabs.

Je eigen tekening. Onder 2D kun je je eigen generalplan uploaden als DXF: Top view (DXF), Side view (DXF) of allebei, max 5 MB per stuk, en dan Upload drawing. De lijnen komen in Top en Side view in plaats van de omtrek van de standaardromp; er wordt niets uit gebouwd. De tekening wordt uitgelijnd op haar achterste en laagste lijn. Ligt die door een achterplatform of een thruster onder de kiel niet op de spiegel of de basislijn, vul dan de correctie in (Side: transom, Side: baseline, Top: transom) en kijk hoe het nulpunt verschuift. Bow on the left en Top view mirrored zetten een omgekeerde tekening recht.

De 2D-tab waarschuwt als een eenheid achter de spiegel, voor de boeg, naast het schip of boven de waterlijn staat β€” kijk die na voordat je de uitkomst van station keeping vertrouwt. Bewust niet aangeboden: jack-ups, backhoe-baggeraars, semi-submersibles, catamarans en SWATH; de theorie is voor eenrompsschepen.

4.4 Limits en How it works

Limits bevat wat voor dit werk nog acceptabel is: rol, stamp, dompen op het werkpunt, dwars- en verticale versnelling, een Hs-plafond, groen water en slamming op de boeg, en de benutting van de stuwkracht. Een Preset vult ze in (SeaData defaults, NORDFORSK intellectual work, NORDFORSK heavy manual work); daarna kun je elk getal aanpassen. Statistic kiest significante waarden of het verwachte maximum in 3 uur. How it works legt beide rekenketens uit en noemt elke bron met zijn status.

4.5 Vessel Online β€” wat het schip zelf doorgeeft

Alles hierboven rekent met modellen: een verwachting voor jouw positie. Vessel Online is de andere kant op β€” wat het schip zelf meldt, uit zijn eigen instrumenten. Een klein programma aan boord, SeaData.exe, luistert mee op het NMEA-netwerk van het schip en stuurt wat het hoort ongeveer elke zes seconden naar SeaData, over gewone https op poort 443. Alleen uitgaand: aan boord hoeft niets opengezet te worden, en er komt niets terug.

Je hebt de API-sleutel van je account nodig β€” daaraan ziet SeaData van wie dit schip is. Sleutel en programma staan allebei op het tabblad API in je account, en het schip moet in je vloot aangevinkt staan als Position via SeaData.exe. Zonder dat vinkje weigert de server de gegevens, en dat is met opzet: anders stuur je maandenlang data in voor een schip waarvan je alleen denkt dat het werkt.

Het kan AIS vervangen waar AIS niet komt. Walstations horen je alleen dicht onder de kust, en de satellietbronnen zijn minuten tot uren oud. Een schip dat zijn eigen positie stuurt blijft in die gaten gewoon op de kaart staan β€” en dan elke zes seconden in plaats van elke paar minuten. Wal-AIS blijft de terugval: zet je het programma uit, dan valt het schip daar vanzelf op terug.

De tab laat zien of de verbinding leeft (een ring die met elke burst volloopt), wat er binnenkwam, de laatste zes uur als grafiek, het laatste bericht regel voor regel, en de bursts die geweigerd zijn met de reden erbij. Zes uur is het hele geheugen: wat ouder is valt eraf en er gaat niets de database in. Vandaag gebruikt het platform de positie; heading, beweging en weer worden bewaard om naar te kijken en rekenen nog nergens in mee.

De tijd in het bericht zelf ($GPZDA, satelliettijd) is waar elke leeftijd vanaf gerekend wordt β€” niet het moment waarop het pakketje toevallig binnenkwam. De tegel On the wire laat het verschil zien, en dat is de vertraging van de verbinding.

4.6 Reporting β€” het weerrapport dat je verstuurt

Contract geeft het antwoord op het scherm; Reporting maakt er een rapport van dat je kunt versturen. Je kiest een techniek uit de contracttabel van dit schip en krijgt het weer over de lopende dag en de dag erna: 48 uur, en het begint altijd op 00:00 UTC, niet op het uur waarop je toevallig kijkt. Drie uitvoeringen β€” op het scherm, als PDF en per e-mail β€” en alle drie komen ze uit dezelfde berekening, dus ze kΓΊnnen niet uiteenlopen.

Het rapport noemt wat er over de limiet staat en met hoeveel procent, welke grootheid de beperking is, hoe lang het slechte weer nog duurt, wanneer er weer gewerkt kan worden en hoe ver de modellen uit elkaar liggen. Het rekent zelf niets: het middelen en toetsen blijft in Contract, het rapport vat die uitkomst samen en tekent hem.

De PDF is de papieren versie, niet een plaatje van het scherm: wit, met haarlijnen en een statusletter per uur, zodat een grijswaardenprinter de boodschap niet verliest. Mailen gaat naar een adres dat je zelf invult, met de PDF als bijlage; er zit een rem op van tien rapporten per account per uur, en vanaf het demoscherm kan het niet.

External weather hoort hierbij: het weerbericht dat je leverancier als PDF stuurt (DTN, StormGeo, Infoplaza). Je ziet wat wij eruit lezen en geeft het met Use in SeaData vrij; daarna staat het als extra lijn in de meteogrammen. Het verandert het go/no-go-oordeel nooit.

SeaData voert niets uit een PDF of mail uit: alleen de getallen uit de tabel worden gelezen, afgeschermd op de server. De PDF zelf komt nooit in je browser.
Een rapport is een momentopname van een verwachting. Verstuur je het, dan gaat de verwachting van dat moment mee; het loopt niet mee met een nieuwe modelrun. De uitgiftetijd staat er daarom in de kop bij.

5. De ranglijsten β€” welk model staat vooraan, en waarom

Dit is het hart van SeaData en het minst vanzelfsprekende deel. In SeaWind, SeaWave en SeaCurrent staan de modellen niet in een vaste volgorde: links staat het model dat het best bij jouw positie past, rechts het minst passende. De volgorde verandert dus terwijl je vaart.

De ordening wordt op de server bepaald, zodat geen enkel scherm een eigen volgorde kan verzinnen. Workability en Contract gebruiken dezelfde ranglijst.

De drie regels

Afstand tot de randStraf
minder dan 25 kmmaal 3,0 (vol)
25 tot 50 kmmaal 1,5 (half)
meer dan 50 kmmaal 1,0 (geen)
wereldwijd modelmaal 1,0

De score is resolutie in km maal straf; daarop wordt gesorteerd, laagste eerst.

Waarom 25 km? In de numerieke weersverwachting geldt als vuistregel acht tot tien rasterpunten voor de zone waarin de randvoorwaarden domineren; bij 0,025 graden is dat ongeveer 20 tot 25 km. De halve zone tot 50 km voorkomt dat een model van links naar rechts springt als je één zeemijl vaart.

Dit doet vanzelf wat «het model van het land zelf» zou doen: AROME ligt bij Brest diep in eigen gebied en bij Hoek van Holland erbuiten, HARMONIE precies andersom. Er is dus geen aparte landregel nodig.

De windmodellen

ModelBronResolutieGebied
HARMONIEKNMI2,0 km50-56 N, 1-8 O
HARMONIE DINIDMI2,0 km47-64 N, -12-16 O
ICON-D2DWD2,2 km47-58 N, -4-15 O
UKVMet Office2,0 km45,5-62 N, 17 W-9 O (Britse eilanden, Kanaal)
MEPSMET Norway2,5 km51-64 N, 0-16 O (Noordzee, Noorse kust)
AROMEMΓ©tΓ©o-France2,5 km41-51,5 N, -6-10 O
ICON-EUDWD7,0 km30-66 N, -19-36 O
ECMWF IFSECMWF9,0 kmEU + Azie + Japan
ECMWF AIFSECMWF9,0 kmEU + Azie + Japan
Open-MeteoOpen-Meteo11,0 kmwereldwijd
ICON globalDWD13,0 km30-70 N, -30-30 O
GFSNOAA13,0 kmwereldwijd
WRF 3kmCWA Taiwan3,0 km14-32,1 N, 105,3-140,9 O
CWA lokaalCWA Taiwan15,0 kmTaiwanese wateren
JMA GSMJMA Japan16,0 km-20-60 N, 60-200 O

Het zicht (voor Contract) komt uit de windmodellen die het leveren: HARMONIE, HARMONIE DINI, ICON-D2, ICON-EU en GFS. De ensembles ECMWF ENS en ICON-D2-EPS staan niet in de ranglijst: die voeden alleen de kans in Contract.

De golfmodellen

Een rangorde van windmodellen zegt niets over golven β€” daarom een aparte lijst.

ModelBronResolutieGebied
DMI WAMDMI1,1 km53-60 N, 7-16 O
CMEMS WaveCMEMS1,5 kmNWS / Baltic
Met Office NWSMet Office1,5 km46-62,7 N, -16-13 O
MFWAMMΓ©tΓ©o-France2,5 km38-53 N, -8-12 O
IBI WaveCMEMS3,0 kmIberiΓ«, Biskaje, Ierland
WW3 4kmMET Norway4,0 km48-65 N, -8-12 O
Med WaveCMEMS4,2 kmMiddellandse Zee
DWD EWAMDWD5,5 km30-66 N, -10,5-42 O
WW3 MEDITAMeteoHub11,0 km30-46 N, -7-36,5 O
ECMWF IFS WaveECMWF28,0 kmwereldwijd
CMEMS Asia WaveCMEMS9,0 km20,7-28,9 N, 116,7-124,4 O
CMEMS Japan WaveCMEMS9,0 km24-46 N, 122-150 O
Met Office GlobalMet Office13,0 kmwereldwijd
JMA Global WaveJMA Japan27,0 kmwereldwijd
CWA lokaalCWA Taiwan30,0 kmTaiwanese wateren
TidesAtlas MarineTidesAtlas25,0 kmwereldwijd, alleen onder Online

Hoe je de ranglijst leest

Bij elk model staat de reden van zijn plaats:

Praktisch: loopt het linker model ver uit de pas met de rest, kijk dan naar de reden. Staat het vlak bij zijn rand, neem het dan met een korrel zout β€” juist daarom staat de reden erbij.

6. Herkomst: gemeten, officieel of berekend

Elke waterstandswaarde draagt zijn herkomst, en de volgorde is niet willekeurig:

BadgeBetekenis
measuredeen echte meting van een meetstation of boei
officialde voorspelling van de hydrografische dienst zelf (Rijkswaterstaat, DMI, SHOM, Environment Agency …)
computedSeaData's eigen harmonische som uit een getijmodel

OfficiΓ«le bronnen gaan vΓ³Γ³r eigen berekening. Geeft de dienst het uit, dan toont SeaData dat β€” niet zijn eigen som. Grijs betekent: geen betrouwbare officiΓ«le bron voor dit station.

Verschillen tussen modellen worden getoond, niet weggepoetst. Lopen modellen uiteen, dan is de verwachting onzeker. Dat mag je zien.

7. Accounts en schepen

Een account volgt één of meer schepen op MMSI. Welk soort je hebt bepaalt hoeveel plekken je krijgt en hoe vrij je daarin kunt wisselen. Workability zit in elk soort.

SoortSchepenWisselenEigen kaartpositieViewers
Single1direct β€” weghalen en opnieuw invullenneenee
Fleet standard5plek 7 dagen op slotneenee
Fleet+3onbeperktjaja
Fleet admin5onbeperktjaja

Viewers (Fleet+ en Fleet admin): alleen-kijken-logins voor bemanning, kantoor of klant, te maken onder Profile β€Ί Viewers.

Een schip is nergens te bewerken. Er is geen wijzigknop: je haalt een schip weg met het kruisje en vult daarna een ander MMSI in. Bij Single, Fleet+ en Fleet admin kan dat meteen; bij Fleet standard blijft de plek eerst zeven dagen op slot.

Zolang er geen schip staat

Zonder schip is er geen AIS-positie om de gegevens op te betrekken. SeaData valt dan terug op een vaste plek op de Noordzee. Alles wat je ziet β€” getij, golven, wind, stroming β€” geldt dan voor dΓ­Γ© plek en niet voor jou. Zodra je een MMSI invult volgt het beeld je schip weer.

De wachttijd bij Fleet standard

Haal je een schip weg, dan blijft die plek zeven dagen bezet. Je ziet dat op je accountpagina staan, met de datum waarop hij weer vrijkomt. Zonder die wachttijd zou het aantal plekken niets voorstellen: je zou een schip kunnen weghalen en meteen een ander toevoegen, en zo onbeperkt wisselen. Bij de andere soorten geldt de wachttijd niet.

Eigen plek op de kaart

Fleet+ en Fleet admin hebben de bullseye-knop in de onderbalk waarmee je een willekeurige plek op de kaart kiest in plaats van je schip te volgen (zie hoofdstuk 1). Bij de andere soorten volgt de data het actieve schip.

Zonder account

Try it in de onderbalk opent een pagina waar je een MMSI invult en dat schip een half uur als je eigen schip ziet. Dat lukt alleen voor een schip dat nu in onze AIS-ontvangst zit; anders zegt de pagina dat. Zonder in te loggen toont de tab Workability het Demo vessel op de demopositie.

Registratie

Elk account wordt met de hand beoordeeld en vrijgegeven. Voor informatie of een demo-account mail je naar het adres in de topbalk (admin@seadata.online). Je krijgt bericht zodra het account is goedgekeurd; daarna kun je inloggen.

8. Voorbehoud

SeaData is ondersteunende informatie, geen navigatiemiddel.

De voorwaarden staan op Voorwaarden; de volledige bronvermelding met houder, licentie en voorgeschreven vermelding staat op Bronvermelding.

9. Snel iets oplossen

Wat je zietWaarschijnlijke oorzaak
Kaart hapert bij zoomenZet Waves en Wind uit onder Overlay, of schuif hun schuif naar links; dat zijn de zwaarste lagen.
Leeg vlak bij inzoomenDe basiskaart heeft een zoomgrens (Ocean tot 13, Topo tot 17).
Weinig AIS-schepenUitgezoomd zie je alleen je eigen vloot β€” zoom in voor alle schepen in beeld.
Positie blijft leegGeen AIS-ontvangst voor dat MMSI, of de positie is te oud.
Schip verdwenen van de kaartPositie ouder dan 40 minuten; bewust niet getekend.
Getij wijkt af van de tafelAstronomisch model zonder opzet β€” vergelijk met de actual-lijn.
Geen regen op de kaartZet SeaRain aan en kijk de regio na in de instellingen; radar reikt niet tot open oceaan β€” probeer World.
Geen getijstationsπ 50km staat aan en er ligt er geen binnen 50 km; zet hem uit en gebruik de vlaggen.
SWAN blijft wachtenEr draait al een andere SWAN-run; hij rekent er één tegelijk. Het resultaat volgt vanzelf, of probeer het zo opnieuw.
Contract zegt Not assessedGeen model dekt die grootheid op deze positie; die limiet wordt niet toegepast.
Tekening staat verkeerdVul onder 2D de correctie voor spiegel of basislijn in, of vink Bow on the left / Top view mirrored aan.
Datastatus
…
vershalverwegeverlopen
Elke ring is één verversingscyclus: vol en groen net na een verversing, leeglopend naar rood naarmate de cyclus verstrijkt. Rood betekent ook dat de data ontbreekt of te oud is.
—
--
SeaWave consensus
—
--
SeaWind consensus
—
--
S.W.A.N consensus
—
Over SeaDataUitproberenInloggen
BETA

SeaData β€” jouw wateren, jouw data.

Elk zeegebied heeft zijn eigen humeur. Het getij dat een uur verloopt over twintig mijl, een stroom die kentert terwijl de wind doorzet, een deining die van ver komt aanzetten. De meeste bronnen vatten dat samen in tabellen voor een heel gebied. SeaData doet het omgekeerde: het rekent getij, getijstroom, golven en wind uit voor prΓ©cies de positie waar jouw schip ligt β€” en die data vaart met je mee.

Waarom SeaData:

Maak een account aan en vaar met je eigen data.

Let op: SeaData is nog in beta. Verwachtingen en metingen kunnen onvolledig of onjuist zijn. Controleer ze altijd tegen de officiele berichtgeving voor de scheepvaart.